Twee maal per dag, zeven dagen per week, 365 dagen per jaar en dat dik twintig jaar lang. Dat was het leven van melkveehouder Gerard Willemse uit het Sallandse Wesepe, totdat bij hem een allergie voor dierlijke stoffen werd geconstateerd. Op dringend advies van zijn arts stopte hij met melken. Maar wat dan? Weg van de prachtige pachtboerderij waar hij was opgegroeid? Dat nooit. Willemse, de melkveehouder werd akkerbouwer, ook al werd hem dat door de Stichting IJsselandschap, van wie hij de boerderij pacht, sterk ontraden. Het was onmogelijk de kost te verdienen op zeventig hectare zanderige, schrale en boomrijke landbouwgrond, aldus de stichting. Het antwoord van Willemse? ‘Dat is mijn probleem.’ Hij vond er een oplossing voor. Samen met nog enkele collega’s, die ook wel een centje extra konden gebruiken, richtte hij de’ Agrarisch Natuurvereniging Salland’ op. Niet dat ze met een botaniseertrommeltje op zoek gingen naar nieuwe vlindersoorten, al doet de naam dat vermoeden. De natuurvereniging verricht in opdracht van gemeenten, waterschappen en particulieren verschillende – gesubsidieerde -werkzaamheden, varierend van het planten van bomen, het korten van bomensingels of het schoonhouden van het kanaal. ‘Er is altijd wel ergens een subsidiepotje te vinden,’
aldus Willemse die, net als zijn collega’s, dankzij die extra inkomsten zijn landbouwbedrijf kan voortzetten. Aanvankelijk leverde het scheve gezichten op van andere bedrijven, die in de vereniging een stevige concurrent op de natuurmarkt zagen. Maar inmiddels werken ze gebroederlijk samen, zegt Willemse. ‘Wij schakelen regelmatig andere lokale bedrijven in. omgekeerd wijzen zij ons op mogelijke klussen. Er is een netwerk gegroeid van lokale bedrijven. Het mooie is dat wij, dankzij onze werkzaamheden als natuurbeheerder, boer kunnen blijven in Salland. Eigenbelang en algemeen belang gaan zo hand in hand. Mede met dank aan de Brusselse subsidies voor plattelandsontwikkeling.’








